Minimize
   

Secundair

Gewoon voltijds onderwijs

Na de eerste graad van het secundair onderwijs maak je een belangrijke keuze. Sommigen houden van theoretische lessen, en kiezen voor het ASO (algemeen secundair onderwijs). Anderen doen wonderen met hun handen en hebben technisch inzicht, ze voelen meer voor het TSO (technisch secundair onderwijs) of het BSO (beroepssecundair onderwijs). Nog anderen houden van tekenen, of muziek, en kiezen voor het KSO (kunstsecundair onderwijs). Op de site van het departement Onderwijs krijg je informatie over alle mogelijke studierichtingen en waar je ze kan volgen. Natuurlijk kan je ook praten met het CLB van jouw school.

Buitengewoon onderwijs

Buitengewoon secundair onderwijs (BuSO) is bedoeld voor kinderen en jongeren die om een bepaalde reden (handicap, leermoeilijkheden...) een specifieke opleiding nodig hebben. Een verwijzing naar het BuSO gebeurt na advies van het CLB. Afhankelijk van de handicap (motorisch, mentaal) kom je in een ander type BuSo terecht.

In sommige gevallen kan je met een speciale begeleiding toch les volgen in het gewone onderwijs. Dat heet geïntegreerd onderwijs (GON). Voor mensen met een handicap bestaan er ook opleidingscentra waar ze een beroep kunnen aanleren of een herscholing kunnen volgen. Je kan ook een extra jaar volgen in het buitengewoon onderwijs ter vervolmaking, de zogenaamde alternerende beroepsopleiding. Informatie over dat studieaanbod krijg je bij het CLB of via de Gids voor Leerlingen.

Deeltijds secundair

Leerlingen die geen voltijdse opleiding willen volgen en liever deels naar school gaan en deels werken, kunnen deeltijds onderwijs volgen. Dat kan vanaf 15 (als je minstens het tweede jaar van het voltijds secundair onderwijs gevolgd hebt) of vanaf 16 jaar. Je kan kiezen tussen:

Deeltijds beroepssecundair onderwijs

Je volgt twee dagen per week les in een centrum voor deeltijds onderwijs. De rest van de schoolweek werk je. In het CLB van je school krijg je meer informatie over de opleidingen en adressen of via de gids voor leerlingen.

De leertijd, een leerovereenkomst

Vroeger noemde men de leertijd ‘de leerovereenkomst van de middenstand’. Je werkt vier dagen per week bij een ondernemer die je opleidt. Je kan uit een brede waaier van opleidingen kiezen: kapper, slager, administratief bediende, fotograaf... Je volgt één dag per week les in een vormingscentrum. Tijdens de leertijd word je begeleid door een leertrajectbegeleider en in het vormingscentrum (de Syntra-lesplaats) door het begeleidingsteam. De leertrajectbegeleider helpt je bij de keuze van het beroep dat je wil leren. Bij het Vlaams Instituut voor het Zelfstandig Ondernemen kan je adressen van leertrajectbegeleiders in jouw streek vinden. Op www.syntra.be/leertijdloket vind je meer informatie over de leertijd en kan je je opgeven als kandidaat-leerjongere.

Thuisleren

In België bestaat er een leerplicht, maar dat betekent niet dat je alles op school moet leren. Je kan ook thuis les krijgen, van je ouders of privé-leerkrachten. Je ouders moeten dat wel zelf betalen. Er zijn een aantal voorwaarden, en de onderwijsinspectie kan altijd komen controleren of je wel degelijk onderwezen wordt. In de praktijk komt thuisonderwijs in het secundair onderwijs niet zoveel voor. Het vergt namelijk heel veel inzet en discipline, en voor sommige studierichtingen met praktijk is het zelfs ronduit onmogelijk.

 
 
© 2008 - Jongereninformatie - DisclaimerLogin